Geplaatst door: Wij Maken Nederland di 12 jun

Nederland als proeftuin voor transitie in de landbouw

Rond de totstandkoming van de Nationale Omgevingsvisie is er na de verdiepingsrondes en voor de politieke besluitvorming ruimte ontstaan voor input vanuit de praktijk. WMNL organiseerde, met inzet van de Landmakers en de regionale praktijken, een input voor Rijksbeleid en specifiek voor de NOVI. Dit resulteerde in drie regioreferaten. Dit is het referaat vanuit de regio FoodValley.

 

Stip op de horizon

Regio FoodValley is een samenwerking van acht gemeenten in Utrecht en Gelderland. In 2040 is dit een slimme, gezonde en groene regio, waar mensen graag wonen, werken en verblijven. De landbouw is door intensieve samenwerking in balans gebracht met zijn omgeving. De bodemgebonden landbouw is beheerder van het landschap en draagt positief bij aan behoud van biodiversiteit: het natuurlijk kapitaal. Voedselproductie gaat hier hand in hand met natuur, schoon water, een gezonde bodem en klimaatbestendigheid. Bedrijven werken circulair binnen de agro-keten en in cross-overs met andere productietakken.

De transitie naar deze volhoudbare agrarische praktijk is mede mogelijk dankzij een optimale inzet op ICT-innovaties en een (inter)nationaal prijsbeleid dat externe milieukosten heeft geïncorporeerd.

 

Welke kansen biedt de regio voor Nederland?

De regio is een van de proeftuinen voor een transitie in de landbouw, met name voor de koppeling stad-land en innovatie door duurzame, slim-technologische oplossingen. FoodValley kan bedreigingen van en voor de agrarische sector omzetten in kansen voor economie, ecologie en samenleving. In onze proeftuin onderscheiden we twee landbouwpijlers: de agro-industrie (gebouwgebonden en circulair) en de bodemgebonden landbouw, die gebruik maakt van en een bijdrage levert aan het natuurlijk kapitaal van Nederland. Het systeem is ingericht op efficiënt gebruik van grondstoffen: goede landbouwgrond wordt zoveel mogelijk ingezet voor menselijke voedselproductie, grazers op kwalitatief mindere gronden. Varkens en kippen voeden we met reststromen.

Gezonde bedrijven in een gezonde omgeving zorgen voor vitaliteit van het landelijk gebied en de omliggende steden.

 

Gerdien Kleijer: “Varkens en kippen horen bij de stad: ze eten de reststromen van ons voedsel.”

 

Wij zien vijf leidende principes:

1. De landbouw onderneemt circulair. In de natuur bestaat het concept ‘afval’ niet, het is altijd voedsel voor andere organismen. Agro-ecosystemen zijn onderdeel van deze biologische kringloop van bodem tot bodem, die liefst zo lokaal mogelijk wordt gesloten. Dit geldt voor de veehouderij en de pluimvee-sector, de daarmee verbonden bedrijvigheid en de lokale gezinsbedrijven die het platteland vitaal houden. Dit afval = voedsel (of circulaire) concept vergt innovatie op het gebied van nieuwe producten, cross-overs met andere sectoren, hoogwaardig gebruik van reststoffen en de terugkeer van essentiële nutriënten aan de bodem.

 

Louise Vet: “Circulariteit is niets nieuws; het is een ecologisch concept dat in de natuur al heel lang bestaat. Van die 3,8 miljard jaar research & development kunnen wij veel leren. De interactie tussen soorten en grondstoffen biedt een prachtige mogelijkheid om natuur en landbouw te combineren.”

 

2. Nieuwe verdienmodellen zijn nodig om de primaire agrarische sector toekomstperspectief te bieden: gebiedsgerichte modellen, met aandacht voor meervoudigheid van bedrijfsvoering en korte, regionale ketens. Veel boeren willen wel anders, maar weten niet hoe. In FoodValley experimenteren we met onafhankelijke voorlichters die boeren actief informeren over nieuwe mogelijkheden.

Voor de vitaliteit van het landelijk gebied is het behoud van gezinsbedrijven en bedrijfsopvolging van belang. Technologische en agro-ecologische innovatie kan de landbouw weer aantrekkelijk maken voor jongeren. Wij maken ons sterk om fiscale belemmeringen voor bedrijfsopvolging op te heffen.

 

Aart de Kruijf: “Soms mis ik de sociaal-economische vertegenwoordiger van vroeger, een onafhankelijke vertrouwenspersoon die niets komt verkopen maar een boer kan adviseren over lastige vraagstukken.”

 

3. Bevorderen van biodiversiteit inspireert en is cruciaal voor de borging van natuurlijk kapitaal. Landbouw heeft natuur nodig. Gezonde bodem, water, lucht zijn nationale omgevingsbelangen. Het Nationaal Natuur Netwerk vormt een belangrijke ruggengraat. Ook de landbouwsector kan een bijdrage leveren aan biodiversiteit, niet alleen door het bevorderen van natuur-inclusieve landbouw maar ook door bedrijfsconcepten die voedselproductie combineren met verbetering van de bodem- en waterkwaliteit, klimaatadaptatie of duurzame energie. In de regio FoodValley willen we hier gebiedsgericht regie op zetten.

 

David Kleijn: “We moeten in het landelijk gebied beter kiezen waar natuur prioriteit heeft en waar landbouw. Nu zitten natuur en landbouw elkaar vaak in de weg terwijl bij slimme keuzes natuur en landbouw elkaar juist kunnen versterken.”

 

4. In de organisatie en financiering van de landbouw is veel meer mogelijk op gebiedsniveau, aanvullend op het bedrijfsniveau. De transities (agrarisch, circulair, energie, klimaat) leiden tot aanpassing van de inrichting van het landelijk gebied, in relatie tot zowel stad als natuur. Daarbij is ook sanering van agrarisch vastgoed nodig. Gebiedsgerichte fondsen en coöperaties kunnen dit organiseren. Zo’n aanpak biedt mogelijkheden voor het optimaal benutten van regionale win-win-win situaties en versterkt de leefbaarheid en identiteit van het buitengebied.

 

Mariska de Kleijne: “Het probleem van vrijkomende agrarische bebouwing begint steeds meer te dringen. Pak dit aan in een field lab waarin alle partijen verantwoordelijkheid nemen”.

 

5. Kennis tot waarde maken in de proeftuin: FoodValley is een kennisintensieve regio, waar kennisinstellingen en bedrijfsleven samenwerken aan agro-ecologische innovaties en technologische oplossingen zoals robotisering en precisielandbouw. Kennis die we exporteren. Boeren die structureel bij innovatietrajecten betrokken zijn krijgen hier ook een deel van hun inkomen uit. Samen met universiteiten en kennisorganisaties in andere regio’s werken we in Nederland aan duurzame voedselproductie, natuurinclusieve landbouw en een gezonde samenleving.

 

Fije Visscher, voorzitter LTO Gelderse Vallei: “Boeren zijn een onmisbare schakel in de keten. Zonder boeren geen verwerkers, minder belastinginkomsten en minder kennis”.

 

Wat is de complementaire rol van het Rijk?

FoodValley biedt met visie, kennis, samenwerking en innovatieve ondernemers een proeftuin voor landbouw in verstedelijkte regio’s. Vanuit erkenning van deze koers kan het Rijk bijdragen aan de transitie door de vijf principes te omarmen en in het verlengde daarvan aandacht te hebben voor de volgende zaken:

– Concrete stappen zetten om True Pricing als uitgangspunt dichterbij te brengen zodat productie van schoon water, vitale bodem, biodiversiteit en gezonde leefomgeving wordt beloond.

– Fiscale aspecten opheffen die nu belemmerend werken op bedrijfsopvolging en (versneld) opheffen van agrarische bedrijven zonder duurzaam perspectief.

– Consumenten zijn de drijvende factor achter de landbouwtransitie: het Rijk heeft een rol in bewustwording over voedsel, biodiversiteit en klimaat.

– Bij de herziening van het Gemeenschappelijk Landbouw Beleid inzetten op een verschuiving van steun op bedrijfsniveau, naar innovatie op gebieds- en systeemniveau en van steun aan voedselproductie naar bijdragen aan biodiversiteitsherstel.

– Vaart zetten achter het opheffen van regelgeving die circulair ondernemen blokkeert (bijvoorbeeld door grondstof als ‘afval’ te labelen)

– Snel internet in het landelijk gebied is onmisbaar om de geschetste ontwikkelingen mogelijk te maken.

– Breng de onafhankelijke sociaaleconomische adviseur weer terug in het veld om de transitie vanuit breed maatschappelijk belang te versnellen.

– Ondersteun FoodValley als dé proefregio op het gebied van duurzame, slim-technologische landbouw. We werken dit en andere onderdelen nader uit in een regiodeal.

 

Bart Krol: “In plaats van geld verdienen met kuikens en kalveren gaan we geld verdienen met kennis.”

 

 

Wat moet het Rijk niet doen?

De landbouwtransitie kan via verschillende routes plaatsvinden. Het Rijk hoeft geen keuzes te maken voor groot- of kleinschalige landbouw, bodem- of gebouwgebonden; omarm de vijf leidende principes en pak uw complementaire rol. Daarmee kunnen wij als partners in de regio’s met de opgaven aan de slag.

 

Gerard van Santen: “Boeren, natuurbeheerders, gebruikers, overheden zijn gedeeld eigenaar van landbouw- en natuurgebieden. Het gebied maken we samen.”

 

Vernieuwende praktijken in de regio

 

– Circulaire Economie Challenge

Rabobank Vallei en Rijn / Gelderse Vallei organiseert de Circulaire Economie Challenge. Dit daagt bedrijven uit om circulair te ondernemen. In een Regioscan en een kansenkaart zijn de regionale kansen in beeld gebracht. Twintig bedrijven krijgen de kans om een circulair businessplan op te stellen. Ze leren van elkaar en zoeken naar cross-overs.

Meer informatie klik hier.

 

– Manifest van Salentein

In 2017 hebben ketenpartners, kennisinstellingen en overheden in FoodValley het Manifest van Salentein opgesteld om samen te werken aan toekomstgericht ondernemerschap. Een van de afspraken is dat partijen een aanbod doen voor een neutrale coach om met het boerenbedrijf in gesprek te gaan over hun toekomst.

 

– Lunterse beek

Bij het herstelproject Lunterse beek werken eigenaren en gebruikers langs het hele stroomgebied samen aan het verbeteren van de waterkwaliteit. Onder regie van gebiedscoöperatie O-gen wordt gelijktijdig gewerkt aan verdrogingsbestrijding, biodiversiteitsbevordering, recreatie en behoud van landgoederen.

 

– Praktijkcentrum Emissiereductie Varkenshouderij

Onderzoekers, overheden, onderwijs en boeren in de Vallei werken samen in het Praktijkcentrum Emissiereductie Veehouderij. PEV test samen met veehouders haalbare en betaalbare technieken om fijnstof te reduceren en onderzoekt de kansen om dit uit te breiden naar geur- en ammoniakreductie. Naast de innovatietak biedt PEV ook een kennisloket waar bedrijfsadviseurs, veehouders en ambtenaren onafhankelijke informatie in kunnen winnen. Meer informatie klik hier. 

 

 

– World Food Center

In het World Food Center (WFC) werken overheden, kennisinstellingen en het bedrijfsleven samen aan de uitdaging om in 2050 negen miljard mensen te voorzien van gezonde voeding. In 2021 opent de World Food Center Experience zijn deuren in de Mauritskazerne in Ede.

Meer informatie klik hier

 


 

 

Ondertekend door:

– René Verhulst, burgemeester Ede en voorzitter Regio FoodValley (gemeenschappelijke regeling)

– Aart de Kruijf, wethouder Barneveld (oa. plattelandsontwikkeling, regionale samenwerking, ruimtelijke ordening)

– Gerard van Santen, directeur gebiedscoöperatie O-gen

– Louise Vet, directeur Nederlands Instituut voor Ecologie (NIOO-KNAW) en hoogleraar WUR

– David Kleijn, hoogleraar WUR

– Mariska de Kleijne, directievoorzitter Rabobank Vallei en Rijn

– Gerdien Kleijer: Programmamanager buitengebied gemeente Ede

– Arjan Bossenbroek: Strategisch adviseur buitengebied gemeente Barneveld

– Bart Krol, schaduwminister Wij maken Nederland voor Inclusieve landbouw

0 Reacties