Geplaatst door: Jannemarie de Jonge Wing di 31 jan

Verslag verdiepend gesprek Next Farming

Hoe ziet het productielandschap van de toekomst eruit? Hoe verhoudt het landschap zich tot de stad, hoe brengen we agrarische productie in balans met de omgeving? Dit zijn vragen die relevant zijn voor de ruimtelijke ontwikkeling van Nederland, en voor de (nationale) omgevingsvisies die de komende tijd worden opgesteld.

Op 12 december 2017 heeft een divers gezelschap van gedachten gewisseld over deze vragen, geframed als ‘Next Farming’. Dit gesprek is voeding voor ‘Tien boodschappen voor het nieuwe kabinet’ voor de ruimtelijke ontwikkeling van Nederland, die het onafhankelijke platform Wij Maken Nederland zal formuleren.

 

Next Farming leeft!

Het platform WMNL ambieert een onafhankelijk geluid te laten horen en wist een rijk gezelschap rond de tafel te krijgen. Jong, met pensioen, onderzoeker, politicus, betrokken bij de Youth Food Movement, ondernemer, ambtenaar… ook de wildcards die via het platform beschikbaar kwamen om deel te nemen aan de bijeenkomst, waren in no-time vergeven! Zelfs een reactie uit Vlaanderen, waar ze bezig zijn met dezelfde vragen. Goed om te zien dat het onderwerp onder zulke diverse groepen leeft.

 

Voortborduren op een manifest en een verdiepend essay

10 boodschappen voor het nieuwe kabinet… waar begin je dan? Vanuit het Jaar van de Ruimte is natuurlijk al het nodige voorwerk gedaan.

Ook het essay van Krijn Poppe en Silke de Wilde is een mooie inspiratiebron. Het essay speculeert over hoe het platteland zich naar 2050 zou kunnen ontwikkelen. Vanuit drie mogelijke toekomstscenario’s formuleren de auteurs de volgende robuuste strategieën:

1) hou vast aan het concept van de groene metropool waarin stad en land verweven zijn
2) blijf kwetsbare waarden goed beschermen
3) zorg dat er ruimte is voor verandering in de inrichting van het landelijk gebied
4) koppel de wensen van de (stads)burgers aan de inrichting van het landelijk gebied, bijvoorbeeld met recreatieve verbindingen tussen stad en land.

Aan de hand van een vraaggesprek met Krijn Poppe zijn we verder ingegaan op een aantal aspecten. Deze aanvullingen bij het essay zijn te vinden bij de longread.

 

Startvraag

Iedereen laadde de inhoudelijke agenda van het gesprek met een persoonlijk antwoord op de vraag:

“Waarvan hoop jij dat het nieuwe kabinet écht een andere koers gaat varen in de ontwikkeling van het landelijk gebied?“

 

Next farming

Met de boodschappen van gespreksdeelnemers kwamen we tot de volgende drie hoofdboodschappen die in deelgroepen nader werden doordacht.

 

 

1. Ga ruimtelijk sturen op toegevoegde waarde van de agrosector

  • Ga op gebiedsniveau sterker sturen op de toegevoegde waarde van de agrosector (waarbij ‘waarde’ slaat op zowel people, planet als profit). De (regionale) overheid mag hier als gebiedsmanager een stevige rol in nemen. Daarbij is het van belang om accenten te durven leggen per gebied, de kenmerken van het gebied in ogenschouw nemend. Waar nationale belangen spelen zal het Rijk, in overleg met de regio’s, accenten moeten leggen. Denk aan de veenweidegebieden of de greenportregio’s.
  • Technologische ontwikkelingen zoals robotisering en gebruik van drones zorgen ervoor dat ruimtelijke schaalvergroting zoals de afgelopen periode niet de enige optie is. Het wordt makkelijker om met bijzondere waarden in een gebied rekening te houden. Vandaar het advies: “Zet in op schaalverrijking in plaats van schaalvergroting”
  • Ga sturen op meer circulariteit in de landbouw. Zet in op clustering van niet-grondgebonden bedrijven in het kader van circulaire economie, om meerwaarde te creëren en ketens te sluiten. Overheden moeten voorwaardenscheppend zijn bij dergelijke ontwikkelingen, nu is dit niet of beperkt het geval.

 

2. Zet in op een interdepartementale visie op voedsel en landbouw

Wanneer we vanuit de maatschappelijke opgave redeneren, wordt direct duidelijk dat er een integrale visie moet komen. De opgave verbindt veel aspecten (onderwijs, klimaat, gezondheid, voedselzekerheid, vitaal platteland, vestigingsklimaat), met veel relaties en directe beïnvloeding tussen deze velden. Kom dus met een interdepartementaal afgestemde nationale visie op ontwikkeling van landbouw en voedsel. Het proces om tot dit verhaal te komen is minstens zo belangrijk als het verhaal zelf. Betrek bij het opstellen van zo’n visie aspecten als ruimtelijke sturing, governance, schaalniveaus en relaties tussen opgaven. Laat het verhaal zich (door)ontwikkelen door te blijven investeren in gesprekken met maatschappelijke partners.

De ZLTO heeft alvast een bijdrage: “Laten we boeren weer als werkwoord gaan zien en met elkaar werken aan een renaissance van het platteland”.

 

3. Creëer instrumenten die de verandering ondersteunen

Veranderingen gaan niet vanzelf. Er zijn (nieuwe) instrumenten nodig om deze verandering in gang te zetten. En zeker niet alleen de instrumenten uit het omgevingsdomein (omgevingsvisies, omgevingsplannen, verordeningen), maar ook communicatieve instrumenten, kennisinstrumenten en niet te vergeten financieel-economisch instrumentarium.

Voorbeelden van instrumenten waar aan gedacht kan worden:

  • Gericht stimuleringsgelden inzetten in plaats van overal ‘water geven’ (aansluiten bij gebiedsgerichte accenten!).
  • Gebieden aanwijzen waar echt experimenteerruimte is (aanwijzen op de kaart), bv. regelvrije zones.
  • Inzetten op proeftuinen en open innovatie. Stimuleer leren in de praktijk en blijf als Rijk ook voeling houden met de vernieuwende praktijken.
  • Creëer naast fysieke experimenteerruimte ook mentale experimenteer ruimte: experimenteren met maatschappelijke krachten in het gebied.
  • Financieel-economisch: vergroening van het belastingstelsel
  • Kennis: Zet in op gidsen (inspirerende mensen met ervaring en gezag) die de weg kunnen wijzen, faciliteer het delen van goede voorbeelden en blijf kennisontwikkeling ondersteunen. Er is menselijk kapitaal nodig, en de komende periode gaan veel mensen met pensioen. Dus borg de kennis die aanwezig is, zet in op kennisoverdracht.

 

What’s NEXT?

Na de andere “Next” bijeenkomsten maken we de balans op. En vertalen we alle inzichten naar 10 adviezen voor het nieuwe kabinet.

Graag verbinden we praktijkervaring / voorbeelden aan onze adviezen. Heeft u een goed voorbeeld? Plaats een bijdrage onder dit artikel! Zo maken we met elkaar de adviezen levendiger en sprekender.

0 Reacties