4 reacties
Geplaatst door: Pauline van den Broeke ruimtelijk advies en ontwerp bij Can you imagine di 30 jun

voedsel produceren voor de stad

Het Gemeenschappelijk Landbouw Beleid (GLB) is na de oorlog in het leven geroepen vanuit de gedachte ‘nooit meer honger’. En dat betekende, zo na de oorlog met hongerwinter, vooral nooit meer honger voor de stedelingen. Het GLB is Europees beleid dat de landbouw in Europa regelt en financiert. In de loop der tijd is het GLB doorgeschoten in de richting van schaalvergroting met een steeds hogere productie en productie voor de wereldmarkt en niet meer bewust voor de stedeling.

De stedeling wil ondertussen meer weten van voedselproductie en vertrouwt het voedsel dat in de supermarkt wordt aangeboden niet meer. De afstand tussen consument en producent is te groot geworden. Maar de stedeling wil ook het goedkoopste voedsel en altijd kunnen beschikken over producten.

Voedsel produceren lijkt simpel: je zaait, hebt geduld en je oogst. Die tijd is al lang voorbij want voedsel produceren is een wereldwijd complex systeem geworden. Het PBL (Planbureau voor de Leefomgeving) rafelde dit systeem uiteen en het blijkt dat een stuk of vijf grote internationale foodbedrijven de spil zijn en er het meest aan verdienen en het minst bijdragen aan de regionale economie. Daarbij bepalen deze bedrijven ook wat de boer produceert en wat de consument eet. Er is geen regionale relatie meer tussen vraag en aanbod en er vindt op grote schaal bodemerosie plaats door uitputting. Dan hebben we het nog niet over dierziekten en gebruik van antibiotica. Het huidige voedselsysteem en dus het landbouwsysteem is onhoudbaar geworden. Stadslandbouw kan zich ontwikkelen tot de drager van de systeemverandering in de landbouw.

Vaak dichten mensen, en ook beleidsmakers, een romantisch of utopisch beeld toe aan stadslandbouw, ‘lekker kneuterig samen tuinieren’. Maar stadslandbouw is niet terug naar de Middeleeuwen. En het is ook niet reëel te denken dat je met stadslandbouw een hele stad kan voeden.

De Verenigde Naties hanteren als definitie dat alle voedselproductie binnen een straal van 60 mijl van de stad stadslandbouw kan worden genoemd. Mits ook voldaan wordt aan het verkorten van de keten en lokaal geproduceerd voedsel ook lokaal gebruikt wordt. Ook industriële voedselproductie aan de randen van de stad vallen onder die definitie. Redenerend vanuit die definitie is stadslandbouw dus heel breed en dat betekent iets voor de manier waarop we stadslandbouw benaderen.

Met die oorspronkelijke kernwaarde in beeld: ‘voldoende voedsel produceren voor de stad’, zouden we terug moeten naar een robuust systeem. Dat betekent differentiatie en minder afhankelijkheid, maar ook bewustwording van de waarde van voedsel en van daaruit een eerlijke boterham voor de boer. Het toverwoord daarbij is schaalverfijning.

Door kleinschalige (stads)landbouw te verbinden aan grootschalige landbouw en vraag en aanbod op elkaar af te stemmen. En door een nieuwe manier van voedselproductie nabij de stad. De WUR heeft bijvoorbeeld een ontwerpend onderzoek gedaan naar varkenshouderijen nabij de stad. Het was het antwoord op de mogelijkheden voor gezonde veehouderijsystemen. Door lokaal geproduceerd voedsel af te zetten op lokale en regionale markten. Door een diversere productie en door een logistiek systeem dat dit mogelijk maakt.

Welke ruimtelijke consequenties heeft de transitie naar een robuust systeem van voedselproductie? In een bijeenkomst ‘Energiek samenwerken aan onze roots in de stadslandbouw’ is o.a. daarover nagedacht. Over de verbinding tussen stad en voedselproducerend platteland en over de experimenteerruimte voor voedselproductie. Maar vooral ook over de verbindingen tussen de verschillende beleidsterreinen als het over voedsel gaat. Stadslandbouw vormt nu al de experimentele ruimte voor de nieuwe toekomstbestendige boer en de voedselbewuste burger.

Verslag bijeenkomst ‘Energiek samenwerken aan onze roots in de stadslandbouw’ in opdracht van het ministerie van Economische Zaken

http://toekomstglb.nl/wp-content/uploads/verslag-samenwerken-aan-onze-roots-definitieve-versie.pdf

 

4 Reacties

  • 2015-09-04 10:34:20
    Pauline van den Broeke
    ruimtelijk advies en ontwerp bij Can you imagine

    Hoi Michiel,

    Ik wil graag nog reageren op jouw bijdrage. Het is interessant om hier de factor tijd erbij te halen. Door in de ruimtelijke ordening de tijd als dimensie erbij te betrekken wordt een plek een proces en dan hebben we het over het functioneren van die plek.

    In mijn bijdrage vertel ik over het functioneren van de landbouw. Dus niet zozeer als plek, maar wel wat de invloed van de landbouw is op de ruimte. En op de mens en de stad.

    Je schrijft dat de waarde van de supermarkt voor de consument meegenomen moet worden bij het afstemmen van vraag en aanbod. Omdat de supermarkt inspeelt op de trends in de samenleving.

    Ik denk dat de supermarkt (lees de vijf grote spelers op de wereldvoedselmarkt) handig bepalen wat de trends in de samenleving zijn. Want die grote spelers bepalen wat jij eet en wat de boer verbouwd. Dat is de huidige realiteit. Als we denken dat we daar invloed op hebben dan hebben we het mis. Er is geen rechtstreeks contact tussen de boer en consument en dus tussen vraag en aanbod. Er zijn al jaren discussies over de gezondheid van voedsel (te vet, te veel suiker, te zout) met de levensmiddelenindustrie. En we hebben geen idee wat nu gezond eten is. Waarschijnlijk eet de consument vooral waar het meeste geld aan wordt verdient. Dit is een discussie die niet over ruimte gaat maar wel over bewustwording van voedselconsumptie en dus ook productie.

    De tijd die uitgetrokken wordt om eten in te kopen, klaar te maken en op te eten is naar mijn idee gerelateerd aan onmiddellijke behoeftebevrediging. Het moet allemaal snel en zonder nadenken kunnen. En eigenlijk zonder je bewust te zijn van de waarde en betekenis van voedsel. En die waarde is in het geding. Gisteren protesteerden varkensboeren in Den Haag omdat het vlees onder de kostprijs wordt opgekocht. Het is toch echt niet de consument die dat bepaalt. Dat zijn de inkopers van de supermarkt. En het verschil tussen de prijs die de consument betaalt en wat de boer krijgt is almaar groter geworden. En daar is de consument zich niet van bewust. Zoals we in slaap gesust worden door bankiers, zo worden we ook onwetend gehouden door de supermarktketens. Ik wil zo graag weten hoe je ervoor zorgt dat de consument zich weer bewust is van de waarde van voedsel. En dat die waarde zichtbaar is in een eerlijk verhaal over voedsel. En dat de boer en de consument, vraag en aanbod, weer verbonden zijn. En hoe je dit verhaal over voedsel ruimtelijk maakt.

    Het eerlijke verhaal over voedsel

    Dat is de vraag waar vele bottom up voedselinitiatieven in Nederland een antwoord op proberen te geven. Dat gaat van initiatieven om de keten te verkorten zodat producten rechtstreeks van de boer naar de consument gaan en de hele tussenhandel eruit wordt gehaald. Tot aan de moestuintjes die ontstaan op braakliggende terreintjes in de stad die weer een hele sociale en educatieve functie hebben. Uit alle antwoorden die we hebben gekregen hebben we de conclusie getrokken dat je de landbouw (voedselproductie) dichter bij de stad moet brengen, letterlijk en figuurlijk. En dat je moet laten zien hoe voedsel verbouwd cq gefokt wordt. Bouw varkensflats in de buurt van de stad. Dat kan al zonder milieurisico’s. En ga ook aan de slag met innovatieve landbouw. Bijvoorbeeld insectenkweek in gebouwen en kweken met ledverlichting. De VN hanteert voor stadslandbouw een ruime definitie: ‘stadslandbouw is een industrie die voedsel en brandstof produceert, verwerkt en verkoopt, voornamelijk als antwoord op de dagelijkse vraag van consumenten in een stad of stedelijke agglomeratie, op land en water verspreid door het stedelijke en stadsnabije gebied, waarbij intensieve productiemethoden worden toegepast, met gebruikmaking van natuurlijke hulpbronnen en stedelijk afval, om een diversiteit aan gewassen en veehouderijen te kunnen realiseren.’ Dit past niet in het idee van schaalvergroting van de landbouw. Het past wel in de huidige en toekomstige tijd. Want voedselproductie wordt steeds duidelijker een industriële bedrijfstak die meer past bij de stad dan op het platteland, omdat in de stad concentratie mogelijk is en de logistiek beter geregeld kan worden.

    Ik denk dat het tijd wordt dat stadslandbouw, ontdaan van alle romantiek, meer gezien gaat worden als een interactie tussen kleinschalige en grootschalige landbouw waarbij bewustwording en duurzaamheid leidend zijn. Mooi voorbeeld is Puurland (http://www.puurland.nl/) in Arnhem. Dat bestaat uit een stadstuin die als etalage fungeert met educatieve programma’s en een collectief van boeren waar de producten geproduceerd en ingekocht worden in de regio.

    Manifest

    Ik zie stadslandbouw als een antwoord op het ruimtelijk maken van de waarde van voedsel. En het begin van het eerlijke verhaal over voedsel. Ik denk dat in het manifest duidelijk richting moet worden gekozen voor stadslandbouw zoals gedefinieerd door de VN. En dat betekent dat in (en in Nederland tussen) de steden gewerkt moet worden aan het ontwikkelen van een voedselstructuur.

  • 2015-09-03 08:46:29
    Charlot Teng
    Community Moderator

    Inmiddels is er een manifesttekst-in-wording voor Ruimte voor voedsel. Zie https://wijmakennederland.nl/bijdrage/de-contouren-voor-voedsel-in-het-manifest-in-wording Benieuwd naar jullie reacties!

  • 2015-08-18 09:56:22
    Michiel Cappendijk
    adviseur | kwartiermaker | programmamanager

    De vraag is: vertrouwt de consument de supermarkt echt niet meer? Blijkt dit uit dalende omzetcijfers, of wordt het vooral met de mond beleden. En is de waarde van een supermarkt niet meer dat het inspeelt op een 24/7 samenleving en minder de kwaliteit van het voedsel? Daar moet je dus ook over nadenken bij het afstemmen van vraag en aanbod.

    De oplossing kleinschalig koppelen aan grootschalig is nog erg algemeen. Ik zou iets extra's willen koppelen, namelijk tijd. Tijd nemen om eten te kopen, om eten klaar te maken en tijd nemen om te eten. Dit is een issue dat totaal niet ligt bij de productie of aanbodskant en volledig bij de vraagkant. Laat ik het eatonomism noemen...

  • 2015-06-30 08:55:46
    Charlot Teng
    Community Moderator

    Hoi Pauline, helder verhaal en statement. Intussen is op dit platform ook de discussie gestart rond de vraag 'is de toekomst van NL gidsland en voorbeeldland voor landbouw en dus niet producerend land' (zie hier). Benieuwd hoe jij hier tegenaan kijkt!