De dijk is van ons allemaal

wo 17 jan
Geschreven door: Wij Maken Nederland

Roelof Bleker: landmaker en dijkgraaf van waterschap Rivierenland


Met deze praktijk wil het waterschap Rivierenland experimenteren met het geven van een leidende rol aan de omgeving bij toekomstige grote ingrepen in hun gebied. Gebruikelijk was dat het waterschap eerst zelf een dijkverbeteringsplan opstelde. Dat wordt nu omgedraaid, de omgeving is eerst aan zet. Het waterschap heeft een veiligheidsopdracht, die kan vanuit bewoners worden ingevuld. De opgave wordt daarmee niet alleen een veiligheidstaak maar ook een interventie voor kwaliteit en leefbaarheid waardoor er veel meer kan gebeuren dan alleen een hogere dijk. Denk aan huizen bouwen als dijk, de dijk als toeristische trekpleister uitbouwen, de dijk als moestuin, de dijk als culturele voorziening die ook nog ‘toevallig’ het water tegen houdt en dergelijke. Het waterschap wil zowel de ideeontwikkeling, aanbesteding, onderhoud en het beheer vanuit de omgeving starten en daarbij kijken in hoeverre de regie en uitvoering door de inwoners zelf kan worden georganiseerd. Roelof Bleker is dijkgraaf van waterschap Rivierenland en landmaker voor de praktijk “De dijk is van ons allemaal”. Hiervoor heeft hij zich negen jaar ingezet als wethouder stedelijke ontwikkeling in Enschede. Daar heeft hij onder andere na de vuurwerkramp in 2000 de wederopbouw van ruim 60 hectare zwaar getroffen gebied geleid. Inmiddels is de nieuwe wijk Roombeek een moderne, gevarieerde stadswijk.

 

We ontmoeten Roelof Bleker in het gebouw van zijn waterschap Rivierenland. Een modern open en licht gebouw waar water zachtjes door het centrale atrium stroomt. Hoe lukt het Roelof om een van oudsher wat traditionele wereld van waterveiligheid mee te nemen in zijn zoektocht naar de maximale maatschappelijke meerwaarde per euro? Welke drijfveren heeft hij en welke transformaties ziet hij voor zich?

Roelof werkt naar eigen zeggen aan een cultuuromslag in de wereld van waterveiligheid. Hoe kun je van een dijkversterking een maatschappelijk veel rijker initiatief maken? Zijn inspiratie heeft hij opgedaan in Enschede. Na de vuurwerkramp stapte een aantal wethouders noodgedwongen op. Geheel onverwacht werd hij als 33 jarig raadslid ineens wethouder stadsontwikkeling. Samen met projectdirecteur Peter Kuenzli en ontwerper Pi de Bruijn leidde hij de 60 hectare grote wederopbouw van de wijk Roombeek. “In Enschede ontdekte ik hoe je met ontwerpkracht maatschappelijke programma’s kunt verbinden”. De succesvolle innovatieve ontwikkeling van deze wijk was vormend voor hem. Direct met de bewoners aan de slag. Mensen die verbinding hebben met de plek, verdriet hebben om wat niet meer is, maar ook creatief vooruit willen kijken naar wat kan. “Ik heb ervaren dat mensen niet alleen heel veel ideeën hebben, maar het ook snappen als bepaalde ontwikkelingen niet mogelijk zijn. De traditionele angst van overheden om met open planprocessen valse verwachtingen te wekken werkt verlammend, geestdodend en is onnodig”.

 

“In Enschede ontdekte ik hoe je met ontwerpkracht maatschappelijke programma’s kunt verbinden”

 

Het gaat om persoonlijke aandacht en maatwerk per huishouden

Het tekent het waterschap Rivierenland dat ze Roelof Bleker kozen als hun nieuwe dijkgraaf. Zonder ervaring binnen de waterschapswereld, maar goed in het verbinden van verschillende werelden. Er was voor zijn komst al een ruimdenkende houding in het waterschap. Het programma ‘De dijk is van allemaal’ bestond eigenlijk al en het aanleggen van vrijliggende fietspaden over dijken was al lang geen taboe meer. “Dat de verbrede manier van denken hier echt in de cultuur zit, merk je wanneer belanghebbenden door een dijkversterking in de knel komen te zitten. Ieder gezin krijgt dan persoonlijke aandacht en voelt zich gehoord”.

 

“Dat de verbrede manier van denken hier echt in de cultuur zit, merk je wanneer belanghebbenden door een dijkversterking in de knel komen te zitten.”

 

In waterschap Rivierenland speelt de opgave van 200 km. dijkversterking. De primaire opgave is natuurlijk het zorgen voor waterveiligheid, maar het waterschap vliegt deze opgave aan als zowel een technische als een ruimtelijke innovatie. Daarmee kunnen de talrijke kansen voor het verbreden van de maatschappelijke waarde voor het gebied worden benut. Zo moeten in het dijkversterkingsproject tussen Kinderdijk en Schoonhoven 60 huizen worden gesloopt. Er komt bijvoorbeeld ruimte voor het terugbouwen van woningen op een verbrede dijk en het aanleggen van een nieuwe jachthaven. Roelof legt uit: “Het gaat om persoonlijke aandacht en maatwerk per huishouden. Sommige gezinnen vinden het helemaal geen ramp om hun huis te verkopen en elders opnieuw te starten, terwijl anderen juist willen zoeken naar mogelijkheden op de plek zelf. Wij werken als waterschap aan het helen van leefgemeenschappen. Door het mogelijk te maken weer te leven op en aan de dijk wordt de kaalslag in het rivierenland voor een deel teruggedraaid”.

 

“Sommige gezinnen vinden het helemaal geen ramp om hun huis te verkopen en elders opnieuw te starten.”

 

Sleutels voor succes zijn ruimtelijk ontwerp en zorgvuldige participatie

Hoewel het waterschap de dijkversterkingen eigenlijk civieltechnisch, procedureel, financieel en qua tijdpad al complex genoeg vond, krijgen de medewerkers toch energie van deze innovaties. “Ik heb de basishouding bij het waterschap helemaal omgedraaid. Voorheen betrokken we alleen direct belanghebbenden bij de aanpak van opgaven, nu gaan we vooraf met een bredere groep betrokkenen aan de slag om hun ideeën en wensen te inventariseren. We zoeken hen vanaf het begin van het planproces actief op en proberen met hen creatief problemen op te lossen. Juist op die manier ontstaan veel mogelijkheden om maatschappelijke urgenties met het versterken van de dijk te combineren. Sleutels voor succes zijn ruimtelijk ontwerp en zorgvuldige participatie”.

Daarom introduceerde Roelof een extern Q-team, als waarborg voor de ruimtelijke kwaliteit die wordt gemaakt. Op verzoek van de medewerkers heet het bij hen de dijkinspiratietafel. Hiermee wordt het niet de zoveelste te nemen horde, maar juist een inspirerende verrijking van het proces. Eric Luiten heeft op verzoek suggesties gedaan voor de samenstelling van de dijkinspiratietafel. Het bestaat uit ontwerpers en een participatiedeskundige, die de trajecten begeleiden en inspireren. De tafel functioneert heel dicht op de civiel ingenieurs die de dijken ontwerpen. Extra ontwerpkracht is recent ook ingezet door het nationale O(ntwerp)-team in Nijmegen en eerder is via een Europan prijsvraag gekeken naar meekoppelkansen in Streefkerk. Teams uit heel Europa denken nu na over de dijken van Rivierenland. Met 1 miljard euro als investeringsvolume voor de periode van 2020-2030 is het natuurlijk ook een interessante opgave.

 

Met 1 miljard euro als investeringsvolume voor de periode van 2020-2030 is het natuurlijk ook een interessante opgave.

 

De participatie is actiegericht opgezet en richt zich met name op die mensen die niet vanzelf betrokken zouden raken. Een effectief instrument blijkt bijvoorbeeld een omgebouwde camper, die rondrijdt door de wijken en waarin iedereen die maar wil, persoonlijk wordt geïnterviewd (de zgn. campertour). “Participatie is niet heel complex, het gaat gewoon om eerlijke en open gesprekken met mensen over hun wensen en dromen”. Succes hangt uiteindelijk af  van personen. Zowel bestuurders als  ambtenaren die als mens iets graag willen. “Benut energie die er is en beweeg mee met behoeftes van de betrokken spelers. Een mooi voorbeeld is de samenwerking die ontstond in Nijmegen, versneld door de inbreng van het O-team. Creëer vervolgens een collectief gevoel van trots rond dit soort mooie voorbeelden”.

 

“Participatie is niet heel complex, het gaat gewoon om eerlijke en open gesprekken met mensen over hun wensen en dromen”.

 

Samen met bewoners bijzondere plekken maken

De meeste weerstand voor zijn brede aanpak ondervindt Roelof vanuit de gemeenten. Het blijkt lastig om hen ervan te overtuigen dat het bij het mogelijk maken van wonen op de dijk niet gaat om het oprekken van woningbouwcontingenten. Ook vinden ze het vaak ongemakkelijk dat het waterschap direct met bewoners spreekt. Het gaat Roelof erom met de bewoners bijzondere plekken te maken. Om nieuwe energiecoöperaties te starten. Om het geven van maatschappelijke relevantie aan het dynamische rivierenland. “Zo ontdekte ik bijvoorbeeld dat mensen niet alleen op de dijk willen mogen wonen, maar ook vanaf de dijk de uiterwaarden in willen kunnen. Natuurlijk het is daar prachtig, maar nu kan het bijna nergens”. Waterschap Rivierenland nodigt de bewoners uit om met een ontwerper zelf te gaan ontwerpen.

Zo ontstonden er bijvoorbeeld plannen voor zonnecollectoren in de dijk. Wellicht zelfs over 100 kilometer van Gorinchem naar Nijmegen. “We dachten dat die niet hufterproof konden worden aangelegd, maar dat valt waarschijnlijk wel mee. Dat wordt nu onderzocht”. Ook worden andere, gerelateerde vraagstukken nog onderzocht. Hoe zorg je bijvoorbeeld voor een grid van leidingen voor de stroom van zonnepanelen? Hoe creëer je een netwerk van lokale energiecorporaties die samen de stroomvoorziening gaan regelen en beheren? De Radboud Universiteit helpt het waterschap om die sociale innovaties uit te werken. Ook technisch moet er nog veel meer mogelijk zijn. Wellicht horizontale windmolentjes als lantarenpalen langs de dijk? Een ontwerpprijsvraag met de Bond voor Nederlandse Architecten (BNA) zal vast ook tot nieuwe inzichten leiden. “Als we het echt bijzonder maken, worden alle andere partijen vanzelf ook enthousiast”.


Bewoners zelf aan de slag

 

Waterschappen kunnen nog meer maatschappelijke meerwaarde creëren

Roelof is net benoemd als dijkgraaf voor een tweede termijn van zes jaar. Gevraagd naar zijn grootste ambities voor de komende termijn is hij duidelijk. “Het klimaatakkoord van Parijs was zelfs voor mij als nuchtere Groninger ontroerend. De komende zes jaar wil ik mij met name inzetten voor klimaatmitigatie. De waterschappen kunnen nog zoveel meer doen om energieneutraal te worden en de klimaatverandering tegen te gaan. Het benutten van zon, biogas, kleine windmolens, energie uit waterzuivering, het benutten van klein verval, warmte winnen uit oppervlaktewater. Uit het gemaal van Urk kan bijvoorbeeld veel koelenergie worden gehaald. Maar hoe zorg je dat die energie ook bij de gebruiker komt en dat de burger het gas afkoppelt?  We kunnen zo een bijdrage leveren aan de energievoorziening van wijken. Ik heb het idee dat de ontwikkeling naar een Dijk van Iedereen goed loopt en dat ook zal blijven doen. Klimaatadaptatiemaatregelen beginnen we ook steeds beter onder de knie te krijgen en daar moeten we ook vooral mee blijven doorgaan. De waterschappen worden zo steeds actiever in de steden”.

 

“Het klimaatakkoord van Parijs was zelfs voor mij als nuchtere Groninger ontroerend.”

 

Als zijn grootste uitdaging bij het waarmaken van zijn ambities ziet hij het verbinden van de ruimtelijke wereld en de waterwereld.“Ook een Deltaprogramma voor Energietransitie zou enorm helpen en het waterschap kan daarin een helpende hand bieden. We hebben gezien wat de kracht is van deze aanpak, dwars door ambtelijke en politieke structuren heen”. Zo kunnen waterschappen helpen energieproducenten en afnemers meer in lijn met elkaar te brengen. Bovendien blijven de waterschappen veel geld investeren in ruimtelijke transformaties, ook als de woningbouw lastige tijden doormaakt. “Ik heb liever 11.000 waterschappers die dingen doen, dan 12.000 beleidsambtenaren bij andere overheden die dingen opschrijven”.

Regelmatig updates ontvangen? Abonneer je op onze nieuwsbrief

0 Reacties

Geschreven door: Wij Maken Nederland
wo 17 jan 2018

Meer inspiratie