Meetup VPRO: Hoe heeft mobiliteit de stad veranderd?

vr 3 feb
Geschreven door: Max van den Berg

20 december 2016

Over de veranderende rol van vervoer in de stad. Wat voor invloed heeft mobiliteit op de stad? En wat heeft de trein, het vliegtuig en de fiets voor verandering teweeg gebracht in de stad? En wat zal de zelfrijdende auto betekenen voor de stad?

Ruimte is één groot experiment en soms moeten we gewoon ‘’proberen’’. We kunnen wel degelijk richting geven voor de stad en mobiliteit. We kunnen en moeten keuzes maken, met nadruk op moeten. Zo zijn de treinstations van Rotterdam en Arnhem grote successen gebleken en zijn het iconen van de stad geworden op het gebied van mobiliteit. Het is echter belangrijk om te kijken naar wat de nieuwe iconen van de toekomst zullen worden. Er moeten nieuwe sleutelprojecten ontwikkeld worden, zodat deze later ook kunnen dienen als iconen. Een stad moet in ieder geval altijd in beweging zijn.

In de oude treinloods van Amersfoort, de Atelier300c, vond op 20 december 2016 een ontmoeting plaats waarbij 30 experts en geïnteresseerden bijeenkwamen om het te hebben over de stad. En dan met de focus op mobiliteit in de stad. Hoe heeft vervoer de stad veranderd?

Het was een intieme bijeenkomst, waarbij mensen vanuit verschillende achtergronden bij elkaar kwamen om het te hebben over mobiliteit in de stad. Zo zaten er beleidsmakers, stedenbouwkundigen, studenten en zelfs een bedrijfsuitje die zin hadden in een informele discussie. Dit creëerde een goede sfeer waarvan de moderator van de avond, Paul Gerretsen, Agent van Vereniging Deltametropool goed gebruik van kon maken.

De avond werd onderverdeeld in 4 onderdelen, waarbij er bij elk onderdeel een mobiliteitsdeskundige verhaal zou doen aan de hand van een specifiek beeldfragment van de uitzending ‘’Stad’’ van Onzichtbaar Nederland.

Paul Gerretsen startte de avond door een korte reflectie te geven op de uitzending. Hij vond dat de uitzending een aantal vragen opriep. Vormt de mens met mobiliteit de stad of kiezen wij de vorm van mobiliteit die het beste past bij een bepaalde stad? Wellicht zou deze bijeenkomst de antwoorden kunnen geven.

 

Samenhang mobiliteit en de stad

Daan Zandbelt (Rijksadviseur voor de Fysieke Leefomgeving, benoemd door het Ministerie van Infrastructuur en Milieu)

Bekijk zijn fragment over de zelfrijdende auto vanaf 34:0234:39: Onzichtbaar Nederland: Stad

De ontembare stad

Zandbelt pleit voor meer afstemming tussen mobiliteit en stedelijke ontwikkeling. Nu de druk op steden toeneemt, groeit ook de mobiliteitsbehoefte. Mobiliteit is volgens hem dominant in de stad. En dit zou hand in hand moeten gaan met overige ontwikkelingen. Zo noemt hij het voorbeeld van de strijd tussen verblijfskwaliteit versus bereikbaarheid in de stad. Waar vroeger vaak de focus lag om de steden beter bereikbaar te maken ging dit vaak ten koste van de verblijfskwaliteit van het omliggende gebied. Een voorbeeld waar het wel goed is gegaan, betreft het gerenoveerde Rotterdam Centraal. Dit vernieuwde station heeft ervoor gezorgd dat het een icoon is geworden voor de havenstad. Niet alleen op het gebied van mobiliteit, maar ook om de schoonheid van het ontwerp. De bus en tram zijn goed aangesloten op het centraal station en de stad is daarmee beter bereikbaar gemaakt. Waar het vroeger de verblijfsplaats was voor junks, is het nu een veilige plaats geworden met vele faciliteiten die men stimuleert om er te verblijven. Op deze manier is dankzij de vernieuwing van het station, Rotterdam niet alleen beter bereikbaar geworden, maar is ook de verblijfskwaliteit van het stationsgebied erop vooruit gegaan.

Zandbelt vindt dat de Nederlandse stad een eeuwige structuur heeft, maar met een wisselende inrichting. De stad wordt vernieuwd en hij noemt dit ‘’rescripta’’; de stad krijgt een nieuwe betekenis en is continue aan het veranderen. Een stad moet nooit stil staan. Een goed voorbeeld hiervan is de continue herbestemming van de Wibautstraat in Amsterdam. De grote lijnen blijven bestaan, maar de bestemming verandert. Het is dan wel belangrijk in het maken van plannen voor veranderingen in de stad, dat er niet te moeilijk nagedacht moet worden. ‘’Keep it simple’’ was zijn advies. Vele kleine veranderingen doorzetten.

In de stad moet je eisen stellen aan de mobiliteit om dit gepaard te laten gaan met stedelijke ontwikkelingen, maar het is ook belangrijk om te ‘’experimenteren’’ in de stad. Wees niet bang om te testen in de stad of iets werkt.

‘’De stad is nooit af, maar altijd klaar (om te gebruiken)’’.

 

Autonome voertuigen

Danielle Snellen (Planbureau voor de Leefomgeving)

Bekijk haar fragment over de rol van de auto in de stad vanaf 3:35-4:55 : Onzichtbaar Nederland: Stad

City of the future

In het verleden dacht men dat de auto de toekomst was van vervoer in de stad . Steden zouden volledig omgeploegd moeten worden om ruimte te bieden aan het nieuwe vervoersmiddel. De auto zou ontwikkeling in de stad bevorderen en ruimte moest vrij gemaakt worden om dit te bereiken. Dit was het denkbeeld wat er heerste. Snellen vindt dat de auto niet de stad heeft veranderd, maar onze kennis over en de keuzes om de auto te gebruiken wel.

‘’Wij hebben de auto gekozen als vervoersmiddel en wij moeten oppassen dat de auto niet voor ons de keuzes gaat maken voor de stad.’’

Ook volgens Snellen is het belangrijk voor de stad om te experimenteren. Door te gaan experimenteren in de stad op het gebied van mobiliteit zul je uitendelijk een ‘’mooi succes’’ krijgen. Een voorbeeld is het hedendaagse Utrecht, waarbij het centrum vrijwel volledig autovrij is gemaakt.

Er blijven op dit moment wel nog een aantal vragen onbeantwoord op het gebied van mobiliteit en technologie. Moeten we in de toekomst gaan experimenteren in de stad met technologie? Hoe gaan we in de toekomst om met de nieuwe technologie van bijvoorbeeld de autonoom rijdende auto? Welke plek heeft deze ontwikkeling nodig in de stad? En hoe kan de technologie van autonome voertuigen daar eventueel op aangepast worden? Het is erg belangrijk om over deze vragen na te denken en dit als serieuze mogelijkheden te gaan beschouwen. Snellen vindt dat er geëxperimenteerd moet worden in een stad en ik ben het met haar eens. Nederland is een ideaal laboratorium om experimenten uit te voeren zoals de zelfrijdende auto. Je moet dit niet gelijk grootschalig gaan toepassen, maar uittesten op een veel kleinere schaal. Als dit succesvol blijkt, dan kan je dit uitbreiden naar andere steden.

Maar is het wel de juiste keuze om nu te gaan experimenteren met autonoom rijdende auto’s? Aangezien de technologische innovaties zo snel op ons af komen, is het goed mogelijk dat de techniek van zelfrijdende auto’s achterhaald wordt door een nieuwe uitvinding . Snellen vindt dat we in ieder geval niet blind achter nieuwe technologie aan moeten lopen zoals de autonoom rijdende auto.

Er komt reactie uit het publiek dat de technologische ontwikkelingen met een te hoge snelheid op ons af komen. Zo snel dat wij het niet bij kunnen houden. Daan Zandbelt gaf hier een scherpe afsluitende reactie bij:

‘’Als er van alles op je af komt, dan zit je waarschijnlijk op de verkeerde weghelft’’.

Het is inderdaad zo dat de technologische ontwikkelingen met een steeds hogere snelheid op ons af komen, maar het is wel degelijk mogelijk om hier van tevoren over na te denken wat er op ons af zou kunnen komen en hoe we hier mee moeten omgaan. Het is in ieder geval onbetwist dat met de technologische innovaties in vervoer, mobiliteit in de stad een drastische verandering gaat krijgen. De rol per voertuig zal veranderen in de stad en hoe deze op elkaar zijn afgestemd daarmee ook. Wat zal dit gaan betekenen voor de ruimte in de stad?

 

Spoor en luchtverkeer als bron van verstedelijking

Maurits Schaafsma (Schiphol Group)

Bekijk zijn fragment over de opkomst van de Nederlandse treinstations vanaf 18:13-19:34 : Onzichtbaar Nederland: Stad

Station en stad

‘’Hoe heeft het spoor en het luchtverkeer de stad veranderd?’’

Wat betekent spoor voor de concurrentiekracht van de steden. Er was lange tijd een verval van het spoor door de opkomst van de auto, maar nu: ‘’Revival’’ spoorwegen. Mooie voorbeelden van vernieuwde treinstations zijn Rotterdam Centraal en Arnhem Centraal. Op de hedendaagse dag wordt het steeds populairder om met het openbaar vervoer te reizen. Redenen hiervoor zijn dat de verbindingen van verschillende vormen van openbaar vervoer beter op elkaar zijn afgestemd en dat reisinformatie makkelijk beschikbaar is voor iedereen. En met de urgentie van het terugdringen van CO2 uitstoot laten meer mensen de auto thuis. Vele treinstations maken de afgelopen jaren een wederopgang mee en zijn een grotere rol gaan spelen voor de bereikbaarheid van de stad. Steden zijn zich gaan uitbreiden om het station heen zoals in Maastricht en Breda gebeurd is.

Schaafsma benadrukt dat ook het luchtverkeer nu en in de toekomst een belangrijke rol zal spelen in de inrichting van ons land. De nabijheid van een vliegveld bij een stad zorgt voor een sterkere verstedelijking. Deze bron van verstedelijking heeft ook zijn weerslag op treinstations als bijvoorbeeld Schiphol en Amsterdam Zuid.

Schaafsma sprak zelfs over het concept van ‘’Airport and the city’’ waarbij: 1) Een vliegveld vertrekt uit de stad; 2) De stad volgt het vliegveld; 3) Het vliegveld wordt een stad.

De Amsterdam Zuidas is een belangrijk economisch centrum geworden, omdat niet alleen Schiphol zo dichtbij ligt, maar ook het oude centrum van Amsterdam goed te bereiken is. Er is een goede verbinding. Er is een zogenmaande kerncorridor onstaan: Schiphol-Zuidas CBD- Centum Amsterdam. Er ontstaan steeds nieuwe verhoudingen in de stad. Schaafsma benadrukte dat er in de toekomst een nieuwe verhouding aan zit te komen: met de aanleg van de Noord-Zuid lijn zal de Zuidas het ‘’nieuwe centrum’’ van Amsterdam kunnen worden aangezien het omringd is door Schiphol en het huidige centrum van Amsterdam en het perfect bereikbaar is met de trein en metro. Het huidige centrum van Amsterdam zal dan ‘’Noord’’ worden van de Schiphol-Zuidas CBD- Centrum Amsterdam kerncorridor.

Daarnaast sprak Schaafsma over het belang van ‘Borrowed Size’. De connectie van verschillende steden verbetert de concurrentie-positie van die steden. Hij gaf hierbij aan dat sommige steden teveel met een bestemming bezig zijn, waardoor andere doelen voor de stad niet verwezenlijkt worden. Een stad zou allesomvattend moeten zijn en niet alleen een woon- of werkbestemming moeten hebben.

 

Fiets als het vervoersmiddel van de stad

Hugo van der Steenhoven (Hugo Cycling)

Bekijk zijn fragment over de rol van de fiets in de stad vanaf 25:46-27:53 : Onzichtbaar Nederland: Stad

Toekomst van de fiets in de stad

De fiets komt bij elke kosten-baten analyse als winnaar naar boven van alle vervoersmiddelen in de stad. Voor de WO II was de fiets in veel Europese steden een normaal vervoersmiddel en was dit dè manier om je te verplaatsen. Na de oorlog heeft alleen Nederland dit echt vastgehouden. Inmiddels zitten wij met een overschot van fietsen, terwijl Europese steden van ons leren hoe ze de fiets kunnen terugbrengen. Er was in Nederland zelfs ooit een groot probleem ontstaan in de steden dat de fietser in gevaar werd gebracht door de opkomst van de auto. Steeds meer nam de auto de ruimte over in de stad en ontnam hiermee de bewegingsruimte voor de fiets. Het dodental per jaar op de fiets was ongekend hoog in die tijd en dit had tot gevolg tot een grote opstand onder de burgers. Zij eisten veiligere wegen voor fietsers en het terugdringen van de auto in de stad. Dit heeft uiteindelijk gewerkt, want vele Nederlandse steden erkennen het belang van de fiets en de ruimte wordt hiervoor vrij gemaakt. Toch gebeurt dit op de dag van vandaag nog niet genoeg.

Een belangrijk vraagstuk dat Van der Steenhoven naar voren bracht is of geld dat besteed wordt aan openbaar vervoer het wel altijd waard is. De fiets wordt geregeld vergeten in dit geheel, terwijl zijn waarde onschatbaar is. Utrecht is een mooi voorbeeld van het succes van de fiets in een stad. Een groot deel van het centrum is autovrij gemaakt en er is meer ruimte gekomen voor de fiets. Zo zijn er in het centrum meerdere ondergrondse fietsenstallingen om elke fiets een plek te bieden. Er wordt op dit moment zelfs gewerkt aan de grootste fietsenstalling van Europa. Daarnaast is Utrecht innovatief in haar doorstroming van fietsers. Het kruispunt van Vredenburg biedt fietsers de mogelijkheid om niet alleen rechtuit over te steken, maar ook diagonaal rechtstreeks naar Utrecht Centraal. Op deze manier worden er meerdere fietswegen aangeboden om naar het station te gaan, maar ook om de overige delen van de stad beter bereikbaar te maken. Utrecht moet een voorbeeld zijn voor de overige steden in Nederland. De fiets is de toekomst van de stad en daar moet ruimte voor vrij gemaakt worden.

 

Informatie

Bekijk de hele uitzending hier: Onzichtbaar Nederland: Stad.

De Meet up van Onzichtbaar Nederland over hoe mobiliteit de stad gevormd heeft is mede mogelijk gemaakt door:

Moderator: Paul Gerretsen (Vereniging Deltametropool)

Verslag: Max van den Berg (Ministerie van Infrastructuur & Milieu)

Regelmatig updates ontvangen? Abonneer je op onze nieuwsbrief

0 Reacties

Geschreven door: Max van den Berg
vr 3 feb

Meer inspiratie