Meet-up over de VPRO-uitzending Onzichtbaar Nederland en het water

do 22 dec
Geschreven door: Renske Postma

Over waterbewustzijn, ontwerpen met water en de toekomstige watericonen van Nederland

Onder het hoge plafond van de Hope Church in Utrecht debatteert een select gezelschap van zo’n 30 waterkenners over Nederlanders en het water. Het gaat over water als hogere macht waar je maar beter ontzag voor hebt, als inspiratiebron voor mooie ontwerpen en als spiegel van onze identiteit.

Het gezelschap: architecten, beleidsmakers, waterveiligheidsdeskundigen, hoeders van het cultureel erfgoed en ervaringsdeskundigen met de ramp van ‘53 in het geheugen geprent. De gespreksleider: Hans Luiten, historicus en voormalig bestuurder.

 

Wat is het grote verhaal van Nederland en het water?

Geen land is zo vaak omgeploegd als Nederland. Nederlanders hebben hun land steeds opnieuw vormgegeven en altijd was het water een hoofdrolspeler. Onze kijk op het water verandert voortdurend. Een vraag die telkens terugkomt: maken we nieuw land of geven we het water de ruimte?

Dit is de rode draad van de VPRO-uitzending Onzichtbaar Nederland en het water. Is dit inderdaad het grote verhaal van Nederland en het water? Luiten stelt deze vraag aan het gezelschap in de kerk, dat de aflevering onder een eenvoudige maar voortreffelijke gezamenlijke maal heeft bekeken. Nee, het historisch perspectief ontbreekt, zo meldt iemand. Denk aan de steeds veranderende loop van rivieren. Een ander mist het verhaal van de waterschappen en het poldermodel. Ook compartimentering en de deltawerken worden gemist. De Noordzee, de internationale context. Er mist heel veel, verzucht de zaal.

Dan meldt zich een tevreden kijker: de uitzending licht er een aantal heel illustratieve voorbeelden uit. Schoorvoetend komen andere positieve reacties los. De prachtige animaties in de uitzending. Dat zich in de drooggelegde Haarlemmermeerpolder een anarchistische wildwest-leefgemeenschap vestigde, omdat er helemaal niets was, is een eye-opener voor een van de ontwerpers. Die vieze en verrommelde Amsterdamse grachten uit de jaren zeventig, die was ik helemaal vergeten, bekent een ander. En ook dat onze kijk op de Waddenzee sindsdien 180 graden gedraaid is, van nutteloze modderpoel tot werelderfgoed.

Bekijk hier de hele uitzending.

 

Meer ruimte voor water: hoe denken we daar in 2026 over?

Zo’n draai van 180 graden in onze kijk op het water is schering en inslag, is de suggestie van de uitzending. Nu vinden we dat water meer ruimte moet krijgen. Luiten denkt hardop: is dit een tijdsbeeld, denken we er over 10 jaar misschien heel anders over? Daar lopen de meningen over uiteen. Ik kan het me nauwelijks voorstellen, zegt de één. De maatschappelijke voorkeur slaat gemakkelijk om als er een grote watersnood komt, waarschuwt een ander. Dan vertelt iemand hoe de wereld in één generatie veranderen kan. ‘Mijn opa was polderwerker. Hij drukte mij op het hart: wat je ook gaat doen, ga geen dijken doorsteken! En dat is precies waar ik nu aan werk.’

Hoe ziet deze uitzending er over tien jaar uit, wat wordt er dan als illustratief voorbeeld uitgelicht? Een waterdeskundige weet het zeker: ruimte voor de rivier. Daar gaan we mee door, anders neemt het water zelf de ruimte. De volgende generatie durft weer grote gebaren te maken, ziet een ander, die gaan wellicht op de landmakers-toer. Middelbare scholieren komen met ideeën als het inpolderen van het IJsselmeer. En weer een ander verwacht dat we de Hondsbossche zeewering, die net met zand versterkt is, over tien jaar als mooi voorbeeld van building with nature presenteren en niet meer als de teleurstelling van een steenzetter.

“Ik was tien jaar toen de overstromingsramp van ’53 kwam. Het water stond tot halverwege het raam. Opeens zakte het water. ‘Kijk, nu stroomt het water de Biesbosch in’, zei mijn vader. Het principe van ruimte voor de rivier was toen ook al bekend.”

 

Als de dijken breken … hoe waterbewust zijn we?

De dramaserie Als de dijken breken schetst een beeld van een nieuwe grote watersnood in Nederland. Hoe realistisch is dat beeld, vraagt Luiten? Zoveel paniek zal er niet zijn, verwacht een architect. Er liggen nu goede scenario’s klaar. Maar een ander heeft in ‘53 op de dijk gestaan en weet nog hoe iedereen zei: dat gaat niet gebeuren. Zijn we wijzer geworden? Het blijkt een retorische vraag. De paniek en al die auto’s op de weg, het kan zo weer gebeuren, voegt ze eraan toe. Een tweede ervaringsdeskundige sluit zich daarbij aan: het kan zo weer gebeuren.

“We zijn niet onveilig! Onze kustbescherming is op goed orde, al vraagt klimaatverandering aandacht. Toch is het goed dat de film het hoogwaterbewustzijn vergroot heeft. Mensen vragen me nu: kan zo’n ramp echt gebeuren? Alles kan, zeg ik dan, ook als we aan de norm voldoen. Daarom moeten we oefenen en goede rampenplannen maken.”

Goos den Hartog, heemraad van Waterschap Rivierenland 

Een Brabander realiseert zich na de extreme regenval van deze zomer: je moet het meemaken eer je het gelooft. Dat is herkenbaar: een concrete ervaring vergroot het bewustzijn. Mijn buurman heeft de evacuatie in het rivierengebied van 1995 meegemaakt, voegt iemand toe. Híj gaat niet meer in de file staan als er een overstroming dreigt, maar zoekt een hoge plek in de buurt op. Ook de beelden van de overstroming van New Orleans hebben ons bewuster van het overstromingsrisico gemaakt. Maar er zijn ook zorgen over heel nieuwe bedreigingen die nog niemand heeft meegemaakt: denk aan cyber crime, dan heb je niets aan sterke dijken.

In de kantlijn van deze discussie noemen verschillende mensen de veiligheidsparadox: juist omdát onze dijken al heel sterk zijn, is het relatief goedkoop ze nog iets sterker te maken. En juist dáárdoor voelen we ons zo veilig dat we een waterbestendige inrichting of rampenbestrijding niet zo belangrijk vinden. En als we de veiligheid toch wat willen opkrikken … dan versterken we de dijken weer, want dat is relatief goedkoop.

 

Zand over de Hondsbossche Zeewering: hebben meervoudige oplossingen een kans?

De VPRO-uitzending laat zien hoe deze zeedijk uit 1880 in twee jaar tijd onzichtbaar is geworden: nadat we de dijk voortdurend versterkt hebben met kilo’s steen, hebben we er nu een dikke laag zand over gelegd. Voor recreanten is het een feest; de steenzetter die zijn leven aan deze dijk gewijd heeft, ziet het met lede ogen aan.

“Dit land kan zoveel mooie dingen laten zien: denk aan de nevengeul bij Lent, de boulevard van Scheveningen, de stations van Rotterdam en Arnhem. Maar wie werkt er aan de iconen van 2040? We zijn vergeten wat deze projecten succesvol heeft gemaakt. De Tweede Kamer heeft bedongen dat het Deltafonds alleen voor waterveiligheid is. Dat soort spelregels blokkeren creatieve oplossingen. Terwijl die vaak helemaal niet duurder zijn.”

Hans Leeflang, stedenbouwkundige bij het ministerie van Infrastructuur en Milieu

Hoe zit dat met die spelregels, vraagt Luiten zich af. Een doorgewinterde adviseur: als je begint met ontwerpen, moet je lak hebben aan spelregels. Je ontwerp blijkt dan inderdaad vaak niet duurder te zijn, als je tenminste vanaf het begin mee hebt kunnen denken. Een ander wijst op het misverstand in de politiek dat ruimtelijke kwaliteit de kers op de taart is. Begin andersom, zandige versterking bij Petten laat zien dat goede kwaliteit niet duur hoeft te zijn. Waterschappen houden elkaar soms in de tang, blijkt de ervaring van een ander: een waterschap dat zelf geen dijken heeft, dringt aan op doelmatige dijkversterkingen.

Moeten we de waterschappen dan toch maar opheffen, vraagt Luiten enigszins gelaten. Leeflang kopt onmiddellijk in: bestuurlijke reorganisatie leidt af van waar het echt om draait. De gedachte is nog te vaak ‘daar gaan wij niet over’. We moeten gewoon willen dat we grote ingrepen goed en mooi doen. Een gelukkige omstandigheid lijkt de energietransitie: bijna alle partijen zetten die hoog op de agenda. En dat biedt goede kansen om tot meervoudige oplossingen te komen, ook voor klimaatadaptatie.

 

Nederlanders en het water: hoe zien toeristen onze identiteit?

NBTC Holland Marketing promoot Nederland als toeristische bestemming. Filmpjes met verschillende ‘verhaallijnen’ moeten toeristen verleiden ons land ook buiten Amsterdam te verkennen. De ‘blauwe verhaallijn’ laat een jong en gelukkig echtpaar zien dat blij en verwonderd al dat mooie water en de indrukwekkende waterwerken beleeft.

“Tot voor kort trokken we toeristen met klompen, tulpen en molens naar Nederland. Het NBTC besloot een eigentijdser beeld van Nederland te maken. Dat raakt natuurlijk aan het cultureel erfgoed, daarom hebben we besloten het samen te doen. De kijkwijzer: zie dit filmpje door de ogen van een toerist.”  

Ellen Vreenegoor, programmaleider bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed

Luiten peilt de reacties in de zaal: wat vinden we van dit portret van Nederland? Wel erg zoet, is het algemene oordeel. Maar de film maakt zeker duidelijk dat er meer is dan Amsterdam en de beelden zijn mooi. En iemand komt tot een verrassend inzicht: wij discussiëren al lang over de nieuwe identiteit van onze waterrijke provincie, maar die identiteit is er dus al.

Wat zijn de watericonen waar we toeristen mee kunnen verleiden? De Afsluitdijk, klinkt het uit de zaal, dat is een baanbrekend waterwerk geweest. En toch ook weer die molens van Kinderdijk, die laten zien hoe Nederland boven water blijft. Dan gooit iemand het over een heel andere boeg: laat niet de zoete maar de ruige verhalen over het leven met water zien, dat is veel spannender voor toeristen.

 

Dit worden de iconen van de toekomst

Dan komt Luiten bij de finale vraag: wat worden onze watericonen van de toekomst? De zaal brandt los, aangemoedigd door Luiten (‘kan het niet wat megalomaner?!’):

  • beweegbare keringen die uit de grond komen of zichzelf opblazen, zoals de balgstuw;
  • een grootschalige windpark, ver op zee, van minstens 8 Megawatt;
  • de Noordwaard, die met zijn enorme vergravingen de allure van de Beemster heeft;
  • een drijvende stad voor de kust, met alles erop en eraan;
  • de nieuwe inrichting van Merwe-Vierhavens in Rotterdam;
  • intelligente oplossingen voor het behoud van veenweidegebieden;
  • de energietransitie doorvoeren in alle bestaande huizen, een enorme opgave;
  • iets groots met energie en water, in het voetspoor van Lievense;
  • heel Nederland, ons land is één groot watericoon;
  • de omslag van tegen het water naar met het water.

 

 


Colofon

De meet-up over Onzichtbaar Nederland en het water was een coproductie van de Unie van Waterschappen, het ministerie van Infrastructuur en Milieu en het Delta Ontwerpplatform.

Organisatie:

Michiel van Dongen (ministerie van Infrastructuur en Milieu)
Hanna Lara Pálsdóttir (ministerie van Infrastructuur en Milieu)
Reinier Romijn (Unie van Waterschappen)

Ondersteuning:

Wendy van Schie (WVScongres)

Moderator:

Hans Luiten (De Geschiedenis Akademie)

Verslag:

Renske Postma (Tekstbureau Met Andere Woorden)

Regelmatig updates ontvangen? Abonneer je op onze nieuwsbrief

0 Reacties

Geschreven door: Renske Postma
do 22 dec

Meer inspiratie