Politieke macht en ruimtelijke ambities

do 16 mrt
Geschreven door: Rozemarijn Oudejans

Politieke macht en ruimtelijke ambities

Over de taak van een nieuw Ministerie van Ruimtelijke Zaken

 

De ruimtelijke inrichting van ons land gaat iedereen aan; burgers, marktpartijen, lokale en nationale overheid. De nationale overheid zou hierbij kaders moeten stellen in de vorm van schaaloverstijgend, lange-termijn-beleid dat aansluit bij lokale ontwikkelingen en deze faciliteert. Maar de landelijke politieke partijen hebben nauwelijks ruimtelijke ambities en lijken hun handen te hebben afgetrokken van ruimtelijke ontwikkeling. Een nieuw Ministerie van Ruimtelijke Zaken moet ervoor zorgen dat het kabinetsbeleid weer een duidelijke ruimtelijke component krijgt en dat ruimtelijke ordening weer op de politieke agenda komt.

 

Het Nieuwe Instituut organiseert samen met Elma van Boxtel en Kristian Koreman (ZUS) en Stephan Petermann (OMA/AMO) een serie oprichtingsgesprekken van een nieuw Ministerie van Ruimtelijke Zaken. Deze oprichtingsgesprekken gaan over wat het nieuwe ministerie moet weten en wat haar te doen staat. Het eerste gesprek ging over geluk, een centraal thema in de eerste nota over ruimtelijke ordening. Het tweede oprichtingsgesprek, op 9 maart 2017, een week voor de Tweede Kamerverkiezingen, stond in het teken van politieke macht.

SybillaDekker_citaatVoormalig minister van VROM Sybilla Dekker opent de avond door terug te blikken op ‘haar’ Nota Ruimte (2004) en haar ideeën te delen over ruimtelijke planning. De Nota Ruimte heeft er destijds voor gezorgd dat de verantwoordelijkheid voor ruimtelijke ordening terecht kwam bij gemeenten en provincies. De rijksoverheid schiep een kader met voorwaarden waaraan de ruimtelijk ordening moest voldoen en daarbinnen bestond veel vrijheid op lokaal niveau; centraal wat moet, decentraal wat kan. Op dit moment lijkt het echter alsof op rijksniveau de handen af zijn van ruimtelijke ontwikkeling. Visie en overkoepelend lange-termijn-beleid op het gebied van wonen, energie en infrastructuur ontbreekt.

DavidEvers_citaatOnderzoeker David Evers (Planbureau voor de Leefomgeving en UvA) wijst er op dat het Rijk degene is die in Brussel aan tafel zit om de ruimtelijke belangen van Nederland binnen de EU te behartigen. Als er geen duidelijke ruimtelijke visie is op rijksniveau, heeft dit grote gevolgen voor het Europese ruimtelijk beleid dat dient als ‘onderlegger’ voor ons nationale ruimtelijk beleid. De nationale overheid vormt in die zin een soort ‘tussenlaag’ die Europees beleid vertaalt naar provinciaal en gemeenteniveau voor uitvoering. Daarbij is een duidelijke nationale ruimtelijke visie dus van groot belang.

 

Maar aan die ruimtelijke visie ontbreekt het de landelijke politieke partijen, stelt onderzoeksjournalist Floor Milikowski.

FloorMilikowski_citaatZij zette de ruimtelijke ambities van de partijen uiteen op basis van hun verkiezingsprogramma’s. Van de grote politieke partijen heeft het CDA nog de meest uitgesproken visie op de ruimtelijke ontwikkeling van ons land, met aandacht voor krimpregio’s en infrastructurele ontwikkeling. Bij de andere partijen is de solidariteit met ‘alles buiten de stad’ ver te zoeken. Op het gebied van energie heeft GroenLinks de meest extreme opvattingen; een snelle energietransitie staat centraal in hun campagne en alle andere onderwerpen worden hieraan opgehangen. Bij alle partijen ontbreekt echter een structurele, schaal- en sector-overstijgende visie voor de toekomst van het land. Het is de hoogste tijd dat hier meer aandacht voor komt in politiek Den Haag.

 

Waar op nationaal niveau de aandacht voor ruimtelijke ontwikkeling bijna geheel ontbreekt, is deze op provinciaal en gemeenteniveau des te sterker aanwezig.

ErikVanMerriënboer_citaatErik van Merriënboer is als gedeputeerde van de provincie Noord-Brabant onder meer verantwoordelijk voor de provinciale omgevingsvisie. In zijn werk mist hij een gesprekspartner op rijksniveau, een sector-overstijgend aanspreekpunt met overzicht.

GovertVanOord_citaatGovert van Oord, wethouder ruimtelijke ordening en landschapsontwikkeling in de gemeente Midden-Delfland, benadrukt dat nationaal ruimtelijk beleid wel moet aansluiten bij gemeentelijk beleid. Vaak is dat nu nog niet het geval. Het rijk moet kennis nemen van de ontwikkelingen op lokaal niveau en deze input meenemen in hun nationale beleid. Het Ministerie van Ruimtelijke Zaken zou als aanspreekpunt kunnen dienen voor lokale bestuurders en als verbinder kunnen fungeren tussen nationale, provinciale en lokale overheid.

JohnNederstigt_citaatJohn Nederstigt is wethouder in de Haarlemmermeer en signaleert dat grote gemeenten slagvaardiger zijn dan kleine gemeenten en daardoor het rijk minder nodig hebben voor ondersteuning. Grote gemeenten hebben juist behoefte aan ruimte/vrijheid om snel te kunnen schakelen en dynamisch te kunnen omgaan met ontwikkelingen op lange termijn. Beleidskaders van provincie of rijk zitten daarbij vooral in de weg. Van de rijksoverheid wordt dus een dubbelrol verlangd: kaders en grenzen stellen en tegelijkertijd voldoende ruimte laten voor snelle en flexibele uitvoering op lokaal niveau.

 

Tot slot reflecteert Adri Duivesteijn met zijn jarenlange ervaring op het gebied van ruimtelijke ordening, onder meer als wethouder, parlementariër en senator, op de huidige staat van ruimtelijk planning in Nederland. Hij stelt dat ruimtelijk beleid door diverse sectoren wordt bepaald waarbij grote ideologische en sectorale belangen meespelen. Er mist een ministerie of departement dat alle beleid integreert en dat boven de verschillende sectoren staat. Ruimtelijke ordening en planning zal belangrijk worden in de komende regeerperiode, maar uiteindelijk gaat het erom of er een geëngageerd persoon zit die gelooft in ruimtelijke ontwikkeling en die sturing kan geven aan een nationaal ruimtelijk beleid.

AdriDuivesteijn_citaatHet is te hopen dat het nieuwe kabinet het belang ziet van een ruimtelijk beleid met een schaaloverstijgende lange-termijn-visie op urgente, maatschappelijke thema’s als de energietransitie. Een beleid dat kaders stelt maar voldoende vrijheid laat aan lokaal beleid en hierop aansluit. En daar hoort een Ministerie van Ruimtelijke Zaken bij dat zorgt voor afweging van ideologische en sectorale belangen. De afwezigheid van landelijke politici tijdens deze avond is tekenend voor de huidige desinteresse van Den Haag in ruimtelijke planning. Daar ligt dan ook de belangrijkste taak van het nieuw op te richten Ministerie van Ruimtelijke Zaken: ruimtelijke ordening weer op de nationale politieke agenda zetten.

 

Laat ons weten wat jij hiervan vindt!

17103331_1238378909584437_7249957480701280650_n

 

Verslag van Thursday Night: Ministerie van Ruimtelijke Zaken – Politieke macht, 9 maart 2017 bij Het Nieuwe Instituut, Rotterdam

 

Tekst en illustraties: Rozemarijn Oudejans, grafisch ontwerper, sociaal geograaf en correspondent voor Wij Maken Nederland, www.rozemarijnoudejans.nl

 

Regelmatig updates ontvangen? Abonneer je op onze nieuwsbrief

0 Reacties

Geschreven door: Rozemarijn Oudejans
do 16 mrt

Meer inspiratie