Ruimte loves energie

ma 27 feb
Geschreven door: Jasmijn Koelega

De prille liefdesrelatie tussen de leefomgeving en de energietransitie

 

De urgentie is groot!

Ruimte loves Energie. Het klinkt hoopvol en liefdevol, zeker op 14 februari 2017. Nederland bungelt met een discutabele 5,6% duurzame energieopwekking onderaan de lijst, zelfs onder de VS. Daarbij wordt er teveel vastgehouden aan de mythes dat technologische ontwikkeling ons ‘er doorheen gaat slepen’, bottom-up initiatieven ‘het gaat doen’ en de markt ‘ons gaat redden’. De urgentie is dus groot om snel samen aan de slag te gaan.

De praktijkbijeenkomst Omgeving en Energie is daarom niet voor niets. We zijn bij de Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed (RvCE) in Amersfoort. Een middag georganiseerd door de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG), het ministerie van Infrastructuur en Milieu, RVO en RUIMTEVOLK. En in kader van het nationale Programma Regionale Energiestrategieën. Dat is een mondvol, maar het doel is duidelijk: gemeenten en regio’s in Nederland helpen om de koppeling te maken tussen het veranderende omgevingsbeleid en de energietransitie.

Het grote animo voor de bijeenkomst vanmiddag schept hoop. Er zijn vooral professionals vanuit de duurzaamheids- en ruimtelijke hoek, stuk voor stuk benieuwd naar wat de energietransitie voor hen gaat betekenen én wat zij zelf kunnen betekenen.

Tegelijkertijd wordt in de ruimtelijke ordening de energietransitie mondjesmaat opgepakt, terwijl we allemaal bekend zijn met ‘energie = massa = ruimte’. Juist het ruimtelijk domein heeft dus een groot aandeel in de snelheid van en draagvlak voor de energietransitie. Gemeenten, provincies en regio’s moeten de energietransitie een plek te geven in hun ruimtelijk beleid. Een omvangrijke en uitdagende ruimtelijke opgave, die tegelijkertijd nieuwe kansen biedt voor ruimtelijke ontwikkelingen. De uitdaging is om met de invoering van de Omgevingswet en bijbehorende Omgevingsvisie strategieën te ontwikkelen om nieuwe initiatieven te faciliteren en duurzame energiebronnen letterlijk plek te geven.

Waar te beginnen? In ieder geval hier, vandaag. Experts en koplopers delen hun kennis en ervaringen. Deelnemers wordt een spiegel voorgehouden en handvatten geboden. Zo gaat iedereen naar huis om vanaf morgen anders te werken.

Spanning tussen energie, ruimte en erfgoed

 

“De verhouding tussen Energie, Erfgoed en Ruimte blijft er één op gespannen voet”, vertelt Henk Baas (hoofd afdeling Landschap, RvCE).

Er klinken twee geluiSchermafbeelding 2017-02-27 om 14.14.08den: Aan de ene kant moeten we de economische kracht van het Nederlandse historisch landschap niet verpesten door ‘lelijke’ windmolens te plaatsen, aan de andere kant moét het gebeuren, is dit de nieuwe manier van landschapsinrichting en creëert het werkgelegenheid. De ondertitel van de studie die de RvCE net heeft afgerond luidt ‘Nederland, energieland van alle tijden’. Hierin is de verhouding tussen energieopwekking en landschap in historisch perspectief geplaatst. Lessen die we hieruit kunnen trekken zijn dat tijdelijke energieopwekking een kans is, dat het werkt om iets terug te geven aan degene die weerstand bieden, dat de invloed van energie op het landschap ook erfgoed kan opleveren (denk aan Kinderdijk) en dat daarmee de landschapswaardering door energie kan worden beïnvloed.

 

Het belang van regionale samenwerking bij de energietransitie

Schermafbeelding 2017-02-27 om 14.14.30
Genoeg kansen dus, om ruimte en energie te verbinden. Om de energietransitie op regionaal niveau te versnellen en op een goede manier aan te pakken, is het nationale programma Regionale Energiestrategieën opgezet. Marjon Bosman (VNG) zag dat veel lokale overheden wel willen, maar niet verder kwamen dan het uitvoeren van een ‘platte analyse’: per sector bekijken wat is er nodig is om de gewenste energiebesparing te realiseren. Daarbij miste de koppeling met het ruimtelijk domein, integraliteit, capaciteit en kennis en expertise. Hulp komt er vanuit het programma waarin zeven pilotregio’s strategisch en praktisch worden begeleid om tot een regionale aanpak te komen.

Integraal werken móet nu wel, want oplossingen liggen vaak tussen de vakgebieden in. Lian Merkx (VNG) ziet hoe onder Schermafbeelding 2017-02-27 om 14.14.37andere de ruimtelijke professionals nog niet betrokken zijn bij de energietransitie. Ze doet een dringende oproep aan alle ruimtelijke professionals om hun mens- en denkkracht in te zetten om de energietransitie vaart te geven.

 

Handvatten om zelf aan de slag te gaan met de kansen die er liggen

Schermafbeelding 2017-02-27 om 14.14.49Welke mogelijkheden zijn er om de ruimtevraag die de energietransitie met zich meebrengt te koppelen aan andere maatschappelijke opgaven? Ytje Feddes (Feddes/Olthof Landschapsarchitecten) onderzocht dit in opdracht van het ministerie van IenM. Om antwoorden te formuleren is een matrix opgesteld waarin de pijlers van de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) en de transitiepaden uit het Energierapport tegen elkaar zijn afgezet. Ervan uitgaande dat de technologische ontwikkelingen tot 2050 in grote lijnen bekend zijn, komen kansen en knelpunten naar voren voor vier energiesoorten. Lage temperatuur warmte ligt in steden voor het oprapen, wel moeten energiecorporaties opgericht worden om dit samen te organiseren. Het winnen van hoge temperatuur warmte kan relatief makkelijk, doordat onze industrie op kansrijke plekken ligt voor geothermie, wind en opslag. Restwarmtegebruik en fiscale prikkels zijn hierbij uitdagingen. Wat betreft de energie die nodig is voor vervoer zijn er enorme kansen om infrastructuur te gebruiken als energiebron en brandstof te halen uit afval en mest. Bereikbaarheid moet daarbij verstedelijking gaan ordenen. Voor de opwekking van energie voor kracht en licht liggen kansen in het dubbel grondgebruik, zoals windmolens tussen zonnepanelen. Een grote opgave blijft er in het vinden van manieren voor de opslag van energie. Het onderzoek geeft globale uitkomsten op nationale schaal en het is aan regio’s om op dezelfde manier aan de slag te gaan. Het onderzoeksrapport wordt eind februari 2017 gepubliceerd en biedt nuttige handvatten om aan de slag te gaan.

 

Omgevingswet loves EnergietransitieSchermafbeelding 2017-02-27 om 14.14.56

Na dit alles moeten we natuurlijk de link leggen met de invoering van de Omgevingswet in 2019. Deze grootste Nederlandse stelselwijziging sinds tijden is helaas voor sommigen nog de ‘roze olifant’. Dat terwijl iedereen er op zijn manier mee te maken krijgt. Voor alle ruimtelijke professionals werkzaam die werken aan een betere leefomgeving, is dit het moment om de roze olifant de hand te schudden en aan de slag te gaan met de Omgevingswet. Een heel aantal is al actief bezig. Zij zien de Omgevingswet als kans of hulpmiddel om o.a. integraliteit, samenhang en participatie te faciliteren. Daarnaast bieden de zelfbindende omgevingsvisie en het juridisch bindende omgevingsplan kansen om lokaal en regionaal de energietransitie te faciliteren of zelfs af te dwingen. In ieder geval is het van groot belang om nu al met elkaar te praten en initiatiefnemers te prikkelen om mee te doen. Dan kan de Omgevingswet ons helpen bij het versnellen van de energietransitie.

Een interessante middag, dat was het zeker. Met mijn neus op de feiten en lichtelijk verbaasd zelfs. Want het past toch helemaal niet bij ons als vooruitstrevend Nederland dat we er slechter voorstaan dan de VS nota bene? Laat dit een startpunt zijn om samen te werken aan onze toekomst van onze leefomgeving, waar ik als 25 jarige vakgenoot nog lang en gelukkig van hoop te genieten.

Auteur: Jasmijn Koelega, Jonge Honden

Regelmatig updates ontvangen? Abonneer je op onze nieuwsbrief

0 Reacties

Geschreven door: Jasmijn Koelega
ma 27 feb

Meer inspiratie