The Wise City

wo 17 jan
Geschreven door: Wij Maken Nederland

Anne van Strien: landmaker en Social Desginer en Sociaal Geograaf

Isis Boot: landmaker en kompaan van Anne


Anne van Strien en Isis Boot zijn beide Social Designers en sociaal geografen, afgestudeerd aan de Design Academy Eindhoven (Afdeling Man and Public Space) en de Radboud Universiteit Nijmegen. Ze werken op de kruising tussen design en wetenschap en zijn actief op zoek naar nieuwe verbindingen tussen beide velden. Als ontwerper/onderzoeker zijn ze zeer geïnteresseerd en betrokken bij transities in stedelijke omgevingen. Samen initieerden ze Wise City als een lerend netwerk dat zich richt op het verbreden van het debat over de toekomst van de duurzame stad. Het netwerk werkt stap voor stap aan het samen met betrokken partners creëren van een stad waarin synergie ontstaat tussen een circulaire economie, een sociaal klimaat en ecologisch waardevolle natuur.

 

We ontmoeten Anne van Strien en haar kompaan Isis Boot in de studio van Isis op de vierde verdieping van het Klokgebouw, een voormalig Philipspand op bedrijventerrein Strijp-S. Ze onderzoeken de weg naar Wise City, een stad die sociaal is, ecologisch waardevol en economisch circulair. Hun reis voert hen langs een spoor van stapstenen. Eerst was er de Summer School in een Eindhovense wijk met Russische studenten, daarna de publicatie hierover met een analyse van de resultaten en nu wachten Anne en Isis op de gunning van de gemeente om het concept in praktijk te brengen in het centrum van Eindhoven. De stappen daarna zijn nog ongewis, wellicht dat Leeuwarden in 2018 een mooie nieuwe springplank kan zijn.

Centraal in de holistische benadering van Anne en Isis staat dat ze vanuit het begrijpen van de sociale kant van stadsontwikkeling vervolgens hele leefomgevingen willen maken. Daarvoor is het nodig om verschillende disciplines, verschillende modellen, verschillende talen en verschillende typen mensen met elkaar te verbinden. Het Wise City-traject creëert een opening voor het gesprek over drie essentiële pijlers van de stad, namelijk de sociale, ecologische en economische waarden. Dat vergt een continue dialoog tussen theorie en praktijk, veel reflectie en een voortdurende persoonlijke intervisie.

 

Van Summer School naar guerrilla-stadsontwikkeling

“We zijn begonnen met het organiseren van een Summer School van drie weken voor voornamelijk Russische studenten om te zien hoe buitenlandse studenten de wijk in een paar weken kunnen leren begrijpen. Educatief gaat het om het toegankelijk maken van de methodieken van social design voor architectuurstudenten en studenten stedenbouw”. De locatie is de wijk Doornakkers in Eindhoven, een voormalige krachtwijk. De studenten ontwikkelden scenario’s hoe synergie gecreëerd kan worden tussen demografische ontwikkelingen (vergrijzing), circulaire economie en wilde natuur. Hun verbeelding is onder andere geprikkeld door inspirerende gastsprekers.

Anne: “Een van de grootste uitdagingen is om via het programma van de Summer School stap voor stap te komen tot synergie tussen de pijlers en de scenario’s, die passen bij de context van Doornakkers. Een effectief hulpmiddel is een door ons ontwikkeld kaartspel, dat de deelnemers uitnodigt om waarden, acties, contexten en hulpbronnen voor de stad te benoemen en te combineren. Op die wijze ontstaan verrassende cirkels tussen domeinen en inzichten over hoe de wijk zich zou kunnen ontwikkelen. Bepaalde onderdelen worden vervolgens ter plekke uitgevoerd, zodat er nog meer verbinding met de buurt ontstaat.”

 

“Een effectief hulpmiddel is een door ons ontwikkeld kaartspel, dat de deelnemers uitnodigt om waarden, acties, contexten en hulpbronnen voor de stad te benoemen en te combineren.”

 

Zo maken de studenten van de Summer School een tuin in een saai stuk openbare ruimte van Doornakkers door er wilde planten te planten. “We ontdekken dat bewoners de openbare ruimte eigenlijk maar saai en doods vinden, terwijl er een stukje verder achter een hek op braakliggende grond bijzondere en medicinale planten groeien”. Deze ‘guerrilla stadsontwikkeling’, zoals zij dat noemen, zorgt voor veel respons vanuit de wijk. Zo herkennen een aantal Turkse buurtbewoners de planten en spreekt het concept moestuin hen aan.

De gesprekken werken verbindend. Ze ontdekken ook de procedurele ruimte die de gemeente biedt om zelf moestuinen te starten. “Het gesprek komt op gang en wordt tastbaar. Het is een mooie eyeopener om de planten te transplanteren van bio divers, braakliggend land naar een arm grasveld. We ontdekken ook dat het beheer van het gras duurder is dan het beheer van ons ontwerp door buurtbewoners”. En de studenten ontdekken de kracht van het ontwerpen buiten de lijntjes van het plangebied. Ze denken na over het onderhoud en over de kwaliteiten van de planten die al in de wijk voorkomen. “Dit alles was het gevolg van de presentaties van de gastsprekers. Dat leidde onder andere tot het initiatief om eetbare planten te gaan zoeken in de wijk, ze te bereiden en ze aan gedekte tafels op de stoep samen met geïnteresseerde en gealarmeerde buurtbewoners op te eten”. Zo creëren ze meerdere laagdrempelige strategieën om de bewoners te triggeren anders naar hun wijk en het gebruik van de openbare ruimte te kijken.

 

 

Stadsmakers moeten domein overstijgend kunnen denken

De volgende stap is de reflectie op deze Summer School. Resultaat is een publicatie in het boekje ‘ Making cities. Visions for an urban future’, uitgegeven door Eurocities, een netwerk van grote Europese steden (www.eurocities.eu/eurocities/30visionsforcities). In het artikel “How to become a wise city, the first steps at reinventing Eindhoven from within” leggen Anne en Isis een aantal cruciale randvoorwaarden voor succes bloot.

Allereerst is het van groot belang dat stadsmakers domein overstijgend kunnen denken. Anne legt uit: “Het blijkt lastig om iedereen zich gehoord te laten voelen, om iedereen zijn eigen expertise in het proces te kunnen laten inbrengen. Alle deelnemers starten met eigen verwachtingen”. Zo zouden bijvoorbeeld de ontwerpende studies zich actief moeten inlaten met de sociale vakgebieden. Hoe dit domein overstijgend werken er in praktijk uitziet, is met geen simpele formule op te lepelen. Daar is voortgezet onderzoek voor nodig. Anne en Isis hebben deze manier van werken zelf ontwikkeld door met elkaar te reflecteren over de waarden van beide domeinen tijdens hun dagelijkse reis tussen de wetenschappelijke wereld in Nijmegen en de praktijkwereld in Eindhoven. De Summer School laat in ieder geval zien dat uit het verbinden van de diverse bijdragen van de gastsprekers en thema’s nieuwe inzichten ontstaan.

 

“Het blijkt lastig om iedereen zich gehoord te laten voelen, om iedereen zijn eigen expertise in het proces te kunnen laten inbrengen.”

 

Een tweede belangrijke les is dat de ontwerper in wisselwerking met de buurt aan de slag moet gaan. De mensen in de buurt zijn de probleemeigenaar. De ontwerper moet niet voor de buurt, maar mét de buurt ontwerpen. De ontwerper faciliteert en creëert het contact. Omdat zij niet alleen ontwerper zijn, maar ook sociale wetenschapper begrijpen Isis en Anne de vele (vak)talen, kunnen ze de waarden concreet maken en kunnen zij de rol pakken van verbinder. “Helaas”, zeggen zij, “is dit geen vaardigheid die je leert op de designopleiding en die dus maar weinig ontwerpers bezitten”. Het zou mooi zijn wanneer designopleidingen toekomstige ontwerpers nog beter voorbereiden op deze maatschappelijk verbindende taak.

 

 

Geen gebouw maar een leefomgeving maken

De volgende stap van Wise City begint met een vraag van projectontwikkelaar Reinier van Abbe en architect Arie van Rangelrooy. De vraag is of ze willen meedoen met het ontwikkelen van een rommelige zone in de Deken van Somerenstraat in Eindhoven. Er is snel een klik tussen de vier wanneer ze ontdekken dat er synergie ontstaat tussen hun expertisevelden en waarden. De inzet van hen als consortium is om samen met betrokkenen er voor te zorgen dat toekomstige bewoners zich niet alleen thuis gaan voelen in het gebied, maar ook verantwoordelijkheid gaan nemen voor het op meerdere manieren duurzaam functioneren ervan. Hun inzending E.den heeft daarom de toepasselijke ondertitel “geen gebouw maar een leefomgeving” meegekregen. Hun aanbieding aan de gemeente focust vooral op het proces om samen met betrokken partijen de leefomgeving te gaan ontwikkelen. De Wise City pijlers van circulaire economie, sociaal (meerdere doelgroepen en generaties bij elkaar) en ecologisch komen in hun voorstel op meerdere manieren terug. Dat blijkt overeen te komen met de basisprincipes techniek, design en kennis uit de binnenstadsvisie van Eindhoven.

In hun voorstel aan de gemeente gaat hun aandacht sterk uit naar hoe mensen met elkaar kunnen samenleven, meer dan naar het technische proces van het bouwen. Al in de initiatieffase van het plan zijn randvoorwaarden bedacht die ruimte geven aan een scala van sociale, ecologische en economische activiteiten en initiatieven van de nieuwe bewoners. Daarmee is dit gebied eigenlijk een Living Lab geworden. Wat kan bijvoorbeeld de betekenis worden van de ligging van een begraafplaats naast een school? Kunnen de schoolkinderen in de kas op het dak les krijgen van TU docenten over de meest recente duurzame innovaties? Wat is er voor nodig om ouderen te laten gymmen in de gymzaal van school? Wie onderhoudt de moestuinen en hoe kunnen minder fitte bewoners ook aandelen in de oogst verwerven? “Het gaat erom dat de bewoners samen met de gemeente, de woningbouwcoöperatie, de school en bedrijven zich zodanig organiseren dat de diverse voorzieningen draaien en in stand gehouden worden. Zoals het beheer van daktuinen met buurttuintjes of het volgen van ontwikkelingen op het gebied van verduurzaming.” De groene daken dienen ook voor de buurt en de kinderen van de basisschool toegankelijk te zijn. Daartoe is het ontwerp verrijkt met een route over de daken en een publiek-privaat trappenhuis dat om elkaar heen draait.

 

Wat kan bijvoorbeeld de betekenis worden van de ligging van een begraafplaats naast een school?

 

 

Is de toekomst aan de ontwikkelaar als community builder?

Doordat het idee van Wise City nu verder gaat in een traditionele aanbesteding ontstaat er een interessante spanning tussen hun voorstel voor de tender (en de doorrekening van de businesscases) en vrije ruimte, die nodig is voor het eigenaarschap van de bewoners. Zijn we hier getuige van de geboorte van een soort sociaal DBFM-contract? Zou dit kunnen werken voor het bouwen van leefgemeenschappen waarbij de ontwikkelaar zich ontpopt als duurzame community builder? “Nu is deze ontwikkeling nog nergens contractueel geregeld”, zegt Isis, “en wat ons betreft zou dit wel degelijk de toekomst kunnen zijn. We bouwen immers geen gebouw maar een leefomgeving!”

Regelmatig updates ontvangen? Abonneer je op onze nieuwsbrief

0 Reacties

Geschreven door: Wij Maken Nederland
wo 17 jan 2018

Meer inspiratie